Beluister deze pagina met proReader

D66 en de IJsselsprong

Achtergrond

Ons klimaat is aan het veranderen. Hoe en hoeveel is voortdurend onderwerp van uitgebreide studies. Eén van de gevolgen van deze klimaatverandering is, volgens de studies, dat er de komende jaren veel meer water via onze rivieren naar zee afgevoerd moet gaan worden. Het rijk heeft dit probleem onderkend en plannen opgesteld om de afvoercapaciteit van de rivieren te vergroten. Deze plannen zijn nu bekend als de Planologische Kern Beslissing (PKB) “Ruimte voor de rivier”.
Hierin is vastgelegd welke rivieren waar en op welke manier aangepast moeten worden. Deze aanpassingen kunnen bestaan uit dijkverleggingen, verbreding van de stroomgeul of de aanleg van nevengeulen.
Ook voor de IJssel is een aantal aanpassingen in deze PKB opgenomen.


Alternatieven

De PKB is uitsluitend gericht op het vergroten van de afvoercapaciteit van de rivieren, maar voor de betrokken gemeenten kunnen veel meer belangen spelen. Daarom is naast de in de PKB omschreven plannen aan de gemeenten, waar de plannen betrekking op hebben, de mogelijkheid geboden een alternatief plan te ontwikkelen. Gedacht kan hierbij worden aan landbouw, wegen, woningbouw, natuurbehoud, recreatie.
Heeft de gemeente een alternatief plan ontwikkeld, dan kan dit aan de Staatssecretaris van Verkeer & Waterstaat worden voorgelegd. Wordt dit alternatief door het Rijk positief beoordeeld, dan kan een zogenaamd omwisselbesluit genomen worden. In dat geval kan het gemeentelijk alternatief uitgevoerd worden in plaats van de PKB. Een voorwaarde voor goedkeuring is in alle gevallen dat voldaan wordt aan de eisen voor de te realiseren vergroting van de afvoercapaciteit.


Zutphense (en Heufse) wensen

Ook Zutphen had een flink verlanglijstje met ruimtelijke ordeningszaken die goed in een alternatief voor de PKB meegenomen konden worden. Naast de eigen wensen zou ook een aantal eerder gemaakte afspraken in Stedendriehoekverband en in Provinciaal verband in het alternatief meegenomen moeten worden.

• Er is al jaren een wens voor meer woningen in De Hoven. In eerste instantie om huisvesting te bieden aan jonge Hovenaren die graag in De Hoven willen blijven wonen (en werken). In de ontwikkelingsvisie Zutphen 2020 was al in 2000 een aantal van 1200 te bouwen woningen vastgelegd. Later zijn daar in het kader van de Stedendriehoekafspraken nog 1800 aan toegevoegd tot een totaal maximale reservering voor 3000 woningen. Deze hoeveelheid zal regelmatig gemonitoord worden aan de hand van actuele demografische ontwikkelingen. Deze uitbreiding van het aantal woningen in De Hoven biedt de mogelijkheid om een levensvatbaar aantal voorzieningen in De Hoven te houden of te brengen. Hierbij kan gedacht worden aan winkels, scholen, horeca en medische voorzieningen.

• Naast de woningen is ook al jaren behoefte aan een rondweg om De Hoven om de verkeersdruk in de huidige kern te verminderen. Ook dit is geen zaak van de gemeente Zutphen alleen. De provincie en de aangrenzende gemeenten hebben hierin ook een belang.


Gevolgen van de PKB

De PKB voorziet voor Zutphen in een waterafvoervergroting door middel van een extra hoogwatergeul ten westen van De Hoven. De PKB spreekt van een “reservering” maar ook van een “geul”. Dit betekent dat het landschap achter De Hoven vergraven zal moeten worden voor de aanleg van een ca. 300 meter brede stroomgeul. Om te voorkomen dat De Hoven en het achterland bij hoog water onderlopen zullen langs deze geul hoge (winter)-dijken aangelegd moeten worden.
Wat zijn zoal de nadelen van dit planonderdeel van de PKB?
• Deze geul zal ook gepasseerd moeten kunnen worden door achtereenvolgens de weg naar Dieren, de weg naar Voorst, de trein naar Dieren en de trein naar Apeldoorn. Dit betekent dat vier flinke viaducten gebouwd zullen moeten worden.


• Mede hierdoor is de PKB een veel duurdere oplossing dan de IJsselsprong.


• De geul, de dijken en de benodigde viaducten zouden een enorme aantasting van het landschap om De Hoven tot gevolg hebben.


• Het Waterschap Veluwe heeft op basis van hydrologisch onderzoek aangegeven dat de te graven geul een aanzuigende werking op het grondwater zal hebben waardoor grote kans is op verdroging van het oostelijke Veluwe massief.


• De aanwezigheid van de geul vormt een belemmering voor de gewenste woninguitbreiding in De Hoven.


• Onze buurgemeenten Brummen en Voorst zouden bovendien ook een flink gebied moeten opofferen voor de PKB.



Het Zutphens alternatief

Om te voorkomen dat de hoogwatergeul om De Hoven aangelegd moet worden is er een alternatief plan ontwikkeld. Dit plan heeft de titel “Voorstel Integrale Gebiedsontwikkeling IJsselsprong” “Alles in 1 keer” meegekregen. Het is ontwikkeld door de gemeente Zutphen in samenwerking met de buurgemeenten Brummen en Voorst en een groot aantal andere partijen, zoals de Provincie Gelderland, het Waterschap Veluwe en Rijkswaterstaat. Ook de ministeries V&W en VROM zelf zijn betrokken geweest bij de planontwikkeling. Veel wensen en problemen zijn “integraal” in het plan meegenomen (“Alles in 1 keer”). Dit alternatieve plan is bovendien op het punt van waterhuishouding veel minder ingrijpend dan de PKB.

• Het belangrijkste onderdeel van het plan is het alternatief voor de hoogwatergeul om De Hoven. In plaats van een hoogwatergeul achter De Hoven langs voorziet het plan in het uitgraven van de uiterwaarden aan de kant van De Hoven tussen de Nieuwe IJsselbrug en De Mars. Hierdoor ontstaat een nevengeul, die voldoet aan de capaciteitseisen van de PKB. Deze nevengeul gaat samen met de bestaande hoofdstroomgeul het zogenaamde “Breed water voor Zutphen” vormen. Tussen de twee stromen blijft een langgerekt eiland over dat gebruikt zou kunnen worden voor recreatieve doeleinden. Het verloren gaan van het huidige uiterwaardenlandschap kan wellicht als een verlies gezien worden, maar de nevengeul biedt ook veel mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld op het gebied van recreatie en landschapsontwikkeling.

• Het tweede aspect van het plan omvat een ruimtelijke reservering ten behoeve van maximaal 3000 woningen. Dit getal van 3000 is ontstaan uit voorspellingen ten aanzien van de bevolkingsgroei van een aantal jaren geleden. Actuele demografische studies geven aan dat de toen verwachte groei waarschijnlijk een stuk lager zal uitpakken. De huidige verwachting is dan ook dat er in de komende jaren behoefte zal zijn aan veel minder woningen. Hoeveel is nu nog niet te bepalen, maar er is vastgelegd dat de woningbehoefte tweejaarlijks gemonitoord zal worden. Daarnaast zal geen enkele projectontwikkelaar of woningcorporatie woningen gaan bouwen in de wetenschap dat zij niet verkocht gaan worden of leeg blijven staan.

• Het derde aspect van de IJsselsprong omvat o.a. de rondweg om De Hoven, een lang gekoesterde wens om de verkeersdrukte door De Hoven te beperken. Daarnaast is dit ook een kans om die merkwaardige verkeerslus aan de voet van de Oude IJsselbrug op te heffen en met de vrijkomende ruimte iets moois te gaan doen.

• Het vierde aspect omvat de mogelijkheden voor natuur- en landschapsontwikkeling en agrarische ontwikkelingen. Als gevolg van het niet hoeven graven van een hoogwatergeul ten westen van De Hoven blijft daar een flink gebied beschikbaar voor agrarische en/of natuurontwikkeling. Ook de nieuwe nevengeul zelf biedt veel mogelijkheden voor natuurontwikkeling, bijvoorbeeld op het eiland tussen de twee geulen in of in de nieuwe nevengeul zelf, met gebruikmaking van de trage doorstroomsnelheden.

De integraliteit van het plan is gelegen in de samenhang met ook noodzakelijke dijkverleggingen bij Cortenoever en de Voorster Klei. Cortenoever valt onder de gemeente Brummen en de Voorsterklei onder de gemeente Voorst. Daarom moest er overeenstemming zijn tussen de drie gemeenten over het totale plan. Die overeenstemming is er gekomen.

Op 18 mei 2009 is het plan “IJsselsprong” gepresenteerd aan de Zutphense gemeenteraad en daar met een grote meerderheid van stemmen aangenomen.


Het plan maakt het mogelijk om:


• de vergrote waterafvoer te realiseren met veel minder nadelige ingrepen in het landschap;


• de woninguitbreiding en daarmee de levensvatbaarheid van De Hoven veilig te stellen;


• de rondweg rond De Hoven te realiseren;


• natuur- en landschapsontwikkeling te stimuleren.


Vanwege de hierboven genoemde aspecten is D66 altijd een groot voorstander van het plan IJsselsprong geweest.

Ook in de gemeenten Brummen en Voorst is het plan door de gemeenteraden aangenomen.

De volgende stap is dan het voorleggen van het plan IJsselsprong “Alles in één keer” – mede namens de gemeenten Brummen en Voorst - aan het ministerie van Verkeer & Waterstaat met het verzoek dit onderdeel van de PKB (de hoogwatermaatregelen bij Brummen, Zutphen en Voorst) te vervangen door onze IJsselsprong (het zogenaamde omwisselbesluit). Hierbij is enige haast geboden, omdat een alternatief plan voor het einde van een planningstermijn aan de Staatsecretaris van V&W moet zijn voorgelegd.

Toen kwam er vanuit de bevolking echter een referendumverzoek over dit plan.



De bezwaren tegen de IJsselsprong

Vanuit diverse groeperingen is grote weerstand tegen het plan de IJsselsprong.
De bezwaren richten zich, kort samengevat, op de volgende aspecten:


• Aantasting van het uiterwaardenlandschap;


• Tegen ”grootschalige” woningbouw in De Hoven;

• Geen vertrouwen in de waterafvoercapaciteit van het plan IJsselsprong;


• Onvoldoende informatie en inspraakmogelijkheden vanuit de gemeente en de planontwikkelaars.


D66 is echter van mening:


• Dat de aantasting van het landschap bij uitvoering van de PKB veel ingrijpender zal zijn dan bij de IJsselsprong;


• Dat woningbouw in De Hoven beslist gewenst is om aan de toekomstige behoefte te voldoen;


• Dat de hoeveelheid te bouwen woningen regelmatig bijgesteld moet kunnen worden om te voorkomen dat gebouwd wordt voor leegstand. Hierin is in het plan voorzien door een twee-jaarlijkse monitoring.


• Dat er voldoende en betrouwbaar onderzoek is gedaan tijdens de planontwikkeling om te zorgen dat het plan IJsselsprong voldoet aan de basis-capaciteitseis van 18.000 m3 bij Lobith.


• Dat er in het hele ontwikkeltraject van de IJsselsprong voldoende informatie beschikbaar is geweest voor iedereen. Alle relevante documenten zijn beschikbaar op de website www.ijsselsprong.info.


• Dat er voldoende informatie- en inspraakavonden zijn geweest, waarbij iedereen zijn stem heeft kunnen laten horen.



Een referendum

Bestuurders moeten er voor zorgen dat burgers op meer manieren dan alleen via de verkiezingen betrokken zijn bij de beslissingen die worden genomen.
Een referendum is hiervoor door D66 altijd als een geëigend middel gezien.

We kennen het raadgevend referendum. Hierbij kunnen burgers zich in het begin van de ontwikkeling van plannen uitspreken over uitgangspunten of alternatieven.

Daarnaast is er het correctief referendum. Er kunnen zich na verkiezingen situaties voordoen waarbij de door de bestuurders genomen beslissingen afwijken van het beeld dat de burgers voor ogen stond ten tijde van de verkiezingen.


• Dit kan zijn omdat er beslissingen genomen moeten worden waarvan bij de verkiezingen nog geen sprake was.


• Ook kunnen zich ontwikkelingen hebben voorgedaan waardoor de bestuurders beslissingen (moeten) nemen die afwijken van de standpunten zoals ze golden ten tijde van de verkiezingen.

• In beide gevallen hebben de burgers bij de verkiezingen geen keus kunnen maken op basis van de onderhavige problematiek.


• Het kan ook zijn dat de gevolgde inspraakprocedures niet tot

voor de burgers bevredigende aanpassingen van plannen geleid hebben of dat er besluiten genomen zijn, waar een groot aantal inwoners zich niet in kan vinden.

In die gevallen vindt D66 het een goede zaak dat burgers zich over actuele vraagstukken kunnen uitspreken via een correctief referendum. Democratie in optima forma dus!
De mogelijkheid van een correctief referendum dwingt bestuurders ook altijd zorgvuldige besluiten te nemen.



Het referendum

Was er bij de totale planontwikkeling van de IJsselsprong aanleiding om een referendumverzoek in te dienen? Er is naar het oordeel van D66 in het totale ontwikkeltraject voldoende ruimte geweest voor inspraak en er was ook ruim voldoende informatie over het plan beschikbaar. Er is o.a. een speciale website opgezet (www.ijsselsprong.info) waar alle informatie beschikbaar is.

Hebben de gevolgde inspraakprocedures dan toch niet tot een voor iedereen bevredigend resultaat geleid? Kennelijk, want er kwam een referendumverzoek.
Sinds 2005 kent Zutphen een referendumverordening waar D66 mede-initiatiefnemer van geweest is.
Het ingediende verzoek voldeed aan alle in de verordening gestelde eisen en het college van B&W heeft daarom een voorstel aan de raad voorgelegd dit referendum te organiseren.
De verordening schrijft voor dat een referendumverzoek alleen goed gemotiveerd door de gemeenteraad afgewezen kan worden.
De coalitiepartijen in de raad hebben daarom een amendement op het collegevoorstel ingediend dat het voorstel om een referendum te houden wijzigde in een voorstel om geen referendum te houden. De afwijzingsmotivatie was opgenomen in het amendement.
Het amendement en vervolgens het gewijzigde collegevoorstel zijn op 21 september 2009 met een kleine meerderheid door de raad aangenomen en daarmee was het referendumvoorstel afgewezen.

D66 heeft bij deze stemming tegen het amendement en tegen het geamendeerde collegevoorstel gestemd omdat D66 in principe van mening is dat wanneer er een referendumverzoek is gedaan vanuit de bevolking, dit verzoek ook gehonoreerd dient te worden. Angst voor de gevolgen van de uitkomst mag daarbij geen rol spelen.
Dit moet echter los gezien worden van het plan IJsselsprong zelf. Hierover is D66 altijd positief geweest.

De discussie in de raad over het houden van dit referendum heeft zich voornamelijk toegespitst op de mogelijke gevolgen ervan en niet over de legitimiteit van het referendum op zich.
Toch is het goed om over de voors en tegens van dit referendum iets te zeggen.


• Het houden van een referendum kost tijd en de kans was daarbij aanwezig dat het Ministerie, bij verstrijken van de indieningstermijn voor een alternatief plan, zelf de beslissing zou nemen de PKB ten uitvoer te brengen.


• De vraagstelling bij dit referendum zou lastig worden. In principe moet de vraagstelling zo zijn dat een simpel ja of nee bij stemming volstaat. Dat zou bij dit plan met zijn vele deelaspecten erg lastig zijn.


• Voor een keuze ja of nee in een referendum moeten alle aspecten die bij deze keuze een rol spelen ruim en evenwichtig bekend zijn. Over het plan de IJsselsprong is inmiddels veel bekend. Over de PKB daarentegen is veel minder bekend. Dit zou in een kort tijdsbestek nog veel informatieverstrekking vragen om tot een evenwichtig oordeel te kunnen komen.


• Bij het plan de IJsselsprong zijn veel meer belanghebbenden betrokken dan alleen de Gemeente Zutphen. Om te beginnen de Stedendriehoek, waarin afspraken gemaakt zijn over de verdeling van de woningbouw. Daarnaast zouden, bij afwijzing van de IJsselsprong en uitvoering van de PKB, Brummen en Voorst ernstig benadeeld worden. Dat zou, in het licht van de afspraken die met deze partners al eerder gemaakt waren, als onbetrouwbaar betiteld kunnen worden.



Conclusie

D66 blijft bij haar standpunten:


IJsselsprong > JA


maar ook:


Referendum > JA



print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave



 

Kies een datum

RSS
 

Raadsvergadering bijwonen?

Kom gewoon eens langs of meld u aan als gast van de raad op raad.zutphen.nl

Online netwerken Zutphen

Twitter D66facebook.com

plein66.nl